T.g.v. de geweldig stijgende populariteit van dit verhaal (dank, dank, dank!) worden de financiële lasten per maand voor onze Engelfriet site ook steeds hoger.....
En dus zijn we op zoek naar sponsors: zakelijk of privé.
Interesse?
Graag kontakt opnemen met
hans@engelfriet.net
Iedere bijdrage is van harte welkom !!
Om het aantal GB / maand beheersbaar te houden, zijn wij helaas genoodzaakt foto's / prenten / kaarten etc als thumbnail weer te geven.
Klik dus op de thumbnail voor het originele formaat en op BACK van je browser om weer terug te keren naar het verhaal.
Ook de vierkantjes met rood kruisje zijn een thumb, die thumb bleek te klein om weer te geven...
|
In dit verhaal gaan we hebben over het Escorial, door sommigen ook Escoriaal genoemd.
I.p.v. Escoriaal houden wij dus Escorial aan.
Tijdens het maken van het verhaal
De Atlas van Blaeu is nog steeds wereldberoemd
dook deze prent op :

een fragment van het Klooster paleis van Philips II, het Escorial
LINK
en toen kon Aad het niet laten om daar wat meer van te laten zien en te vertellen :

nogmaals het Escorial
4000 kamers, 86 trappen, 160km gang

Philips II
Op onze site hebben wij heel wat over Philips II, type maar eens het woord Philips in in Aad's Search Engine :
Laten we maar beginnen met wat prenten van het huidige Escorial en dan nog wat tekst :



Philips II overleed in 1598 in dit bed, zegt men

Een fragment van de grafzaal in het Escorial

Een detail van de grafzaal
Het Escorial, gebouwd in opdracht van Philips II, werd gebouwd van 1563 tot 1582. Het ligt op ca 50km van Madrid.

1548
Karel V
In 1506 overleed Philips de Schone, zijn bezittingen in de Nederlanden gingen over op zijn in 1500 in Gent geboren zoon, de latere Karel V. Als voogd in de Nederlanden trad op de Utrechtenaar Adriaan Boelens. Adriaan Boelens werd later de enigste Nederlandse Paus Adrianus VI. Karel V kwam ook wel eens in Utrecht voor vergaderingen van de Orde van het Gulden Vlies. Waar Karel V in Utrecht logeerde, is nog steeds terug te vinden: het huidige 5 sterren hotel-restaurant Karel V.
Philips de Schone was gehuwd met Johanna van Aragon, de erfgename van de Spaanse Koninkrijken Aragon en Castilië. Als regent in de Nederlanden namens Karel V werd de tante van Karel V benoemd, Margaretha van Savoye. Margaretha van Savoye woonde vooral in Mechelen.
In 1515 werd Karel ingehuldigd als Heer van de Nederlanden. In 1516 volgde Karel ook zijn grootvader Ferdinand van Aragon op als Koning van (het verenigde) Spanje, waarbij Karel meteen de toen al uitgebreide Spaanse overzeese gebiedsdelen erfde. In 1519 overleed de andere grootvader van Karel, Keizer Maximiliaan van Oostenrijk en dus werd Karel niet alleen heerser over zijn Oostenrijkse erfenis, maar ook gekroond tot Keizer van het Heilige Roomse Rijk der Duitse Natie, Karel werd vanaf die tijd Keizer Karel V genoemd. Karel V was een van de eerste Europese Vorsten waarvan gezegd wordt dat in zijn rijk de zon nooit onderging.
In dit verhaal kun je een gedetailleerde stamboom vinden vanaf Karel de Stoute, Maria van Bourgondië, Philips de Schone, Karel V en Philips II, inkl. o.m. de landvoogdessen Margaretha van Oostenrijk, Maria van Hongarije en Margaretha van Parma en haar zoon Alexander Farnese, Hertog van Parma, Landvoogd der (Spaanse) Nederlanden t/m Isabella, Landvoogdes der (Spaanse) Nederlanden en Juan van Oostenrijk, Landvoogd der Nederlanden
Philips II regeerde over de volgende landen:
- De Spaanse rijken (Castilië en wat er in de loop van de tijd was bijgekomen: de Baskische provincies; Navarra; Aragon, Catalonië, Valencia en Majorca); en, aan de Kroon van Castilië toegevoegd, de immense, net ontdekte landen in Amerika, van Mexico tot de Rio de la Plata, verder in de Stille Oceaan de Filippijnen en een deel van de Molukken.
- De Italiaanse vorstendommen (Sicilië, Sardinië, Napels en Milaan), deels vroeger door Aragon geannexeerd, deels nog niet lang geleden op de Fransen veroverd. Daarbij kwamen nog de zogenaamde 'Afrikaanse garnizoenen', versterkte steden die een rij van forten vormden om de scheepvaart tussen de Spaanse landen en Italië te beveiligen (o.m. Oran, Bougie en Tunis).
- De Nederlanden
- De Franche-Comté
Philips II wilde graag een mausoleum bouwen voor zijn vader, Karel V. Het ontwerp moest de grootsheid van zijn Rijk symboliseren en natuurlijk zijn Katholieke vroomheid benadrukken. Philips II was inderdaad, volgens vriend en vijand, een diep gelovig Katholiek die echter niet begreep, maar dat was natuurlijk in die tijd als Soeverein, als Alleenheerser, moeilijk te begrijpen, dat er mensen waren die over hun geloof wat anders dachten. Een van zijn grootste tragedies, hij heeft hier echt onder geleden, dacht echt dat die ketters allemaal in de hel zouden komen, hij moest ze dus wel redden..., goedschiks of kwaadschiks
Ook door anderen werd er toen zo overgedacht, bijvoorbeeld in het in 1587, dus na de verovering door Parma in 1585, in Antwerpen verschenen boek met als titel:
Schouwtoneel van de wreedheden van de ketters van onze tijd
Het boek richt zich op katholieke vorsten en volkeren om hen de verdorvenheid van de niet-katholieken toe te lichten, met als doel een onderscheid te maken tussen de Heilige Roomse Martelaren en de verdorven niet-katholieke martelaren:
De andere martelaren werden nooit om hun religie veroordeeld, maar om hun ongeloof
niet om hun onschuld, maar om hun misdaad
niet om een gezonde doctrine, maar om een dwaling
niet om standvastigheid, maar om koppigheid
en zulks op grond van wetten die van oudsher door de keizers zijn uitgevaardigd
Het is een volkswijsheid dat het niet de straf is die iemand tot martelaar maakt
maar de zaak waarvoor hij staat
Een andere zeer fraaie omschrijving van Philips II is deze:
Philips II, de machtigste soeverein van zijn tijd, wiens geduchte overmacht heel Europa dreigt op te slokken, wiens schatten de verenigde rijkdommen van alle christelijke koningen overtreffen, wiens vloten op alle zeeën heersen; een monarch aan wiens gevaarlijke oogmerken talrijke legers ten dienste staan; legers die, gehard door lange en bloedige oorlogen, vervoerd door een koppige nationale trots en verhit door de herinnering aan zwaar bevochten zeges, naar eer en buit dorsten en zich onder het roekeloze genie van hun bevelhebbers bewegen als gedweeë leden; deze geduchte mens, toegewijd aan een hardnekkig voornemen, Philips II, die met enkele zwakke naties is verwikkeld in een oorlog die hij niet tot een goed einde kan brengen!
Veertig jaar duurde zijn oorlog (1555 - 1598) waarvan de gelukkige afloop het stervende oog van Philips II niet verblijdde, die een paradijs in Europa vernielde en een nieuw paradijs uit de ruïnes schiep - die de bloem van de krijgshaftige jeugd verslond, een heel werelddeel verrijkte en de bezitter van het goudrijke Peru tot een arm man maakte. Philips II, die zonder zijn land te hoeven onderdrukken negenhonderd ton goud jaarlijks kon verspillen en die nog veel meer door tirannieke geslepenheid afperste, bezwaarde zijn ontvolkte land met een schuld van honderdveertig miljoen dukaten.
Een ongunstig gesternte wilde dat alle schatten die Philips II voor de ondergang van de provincies verkwistte, deze provincies zelf nog hielpen verrijken. Deze ononderbroken stromen van Spaans goud hadden rijkdom en weelde door heel Europa verbreid; maar Europa ontving zijn vermeerderde levensbehoeften grotendeels uit handen van de Nederlanders, die de handel van heel de toenmalige wereld beheersten en de prijs van alle handelswaren bepaalden. Zelfs gedurende deze oorlog kon Philips II niet verhinderen dat de republiek Holland handel met zijn Spaanse onderdanen dreef, sterker nog, hij kon dat niet eens wensen.
Philips II betaalde de kosten die de rebellen voor hun verdediging maakten, want juist de oorlog die hen moest afmatten, vermeerderde de afzet van hun waren. De enorme uitgaven voor zijn vloten en legers vloeiden voor een groot deel in de schatkamers van de republiek, die in contact stond met de Vlaamse en Brabantse handelsplaatsen. Wat Philips II tegen de rebellen mobiliseerde, werkte indirect vóór hen.

Philips II in gebed na de nederlaag met de Armada in 1588
LINK
in zijn prive kapel in het Escorial
Een van de onderliggende doelen van de Armada was dus ook een religieuze:
De Jezuïet Pedro de Ribadeneira stelde het volgende beroemd geworden pamflet samen met de mooie titel:
Aansporing voor soldaten en bevelhebbers die aan de tocht naar Engeland gaan deelnemen
De Onoverwinnelijke Vloot is de belangrijkste Vloot die er sinds eeuwen is geweest in de Kerk van God. We gaan een rechtvaardige en heilige oorlog aan, waardoor onze geheiligde religie en dus ons heilig Rooms geloof door onze Katholieke Koning Philips II zal worden verdedigd. In ons midden bevinden zich geloof, rechtvaardigheid en waarheid, de zegen van de Paus, plaatsvervanger van God op aarde, de wensen van alle rechtschapenen en de gebeden van de gehele Katholieke Kerk. Onze Koning Philips II verdedigt hiermee niet alleen alle fortuinen en goederen van de Spaanse landen, maar ook onze vrede, onze onbezorgdheid en rust.
Het Escorial werd ontworpen door Juan Bautista de Toledo die van 1546 tot 1548 Michel Angelo had geassisteerd bij de bouw van de St. Pieter in Rome.
In dit Klooster paleis stierf Philips II, we zeggen nu dat hij half Koning en Monnik is geweest. Hij is de wereldgeschiedenis ingegaan als Soeverein over een van de machtigste en grootste Rijken.
Over de vorm van het Escorial hebben we ook nog dit gevonden, het staat in dit verhaal:
Het klooster El Escorial, was voor Philips II de herleving van de nieuwe tempel van Salomo. Philips II besluit o.m tot de
bouw van dit klooster paleis ter ere van God, die hem op 10 augustus 1557, de naamdag van de St Laurens, de
overwinning bezorgt op de Fransen bij de slag bij Saint-Quentin.
St Laurens en San Lorenzo del Escorial zijn sinds die dag in naam met elkaar verbonden. Om die reden zou ook het
grondplan van het klooster de vorm hebben gekregen van een rooster: het martelwerktuig waarop de heilige St Laurens is
geroosterd.
Van Jan Bosman ontvingen we de volgende samenvatting:
Laurentius ( gest. 258 ) Feestdag 10 augustus.
Diaken, volgens de traditie levend geroosterd tijdens christenvervolgingen onder Valerianus.
Aangeroepen tegen brand en hekserij.
Op die dag in 1557 versloegen de Engelsen en Spanjaarden bij Saint-Quentin de Fransen
en daarom besloot Filips II het klooster dat hij wilde laten bouwen, aan Laurentius op te dragen.
Vandaar de officiële naam San Lorenzo de El Escorial (gebouwd in de vorm van een rooster).
Toevoeging:
Het verhaal wil, dat het stadsbestuur van Rome Laurentius voor zich daagde en eiste dat
hij de schatten van de Kerk zou laten zien. Laurentius stemde daarin toe en beloofde dat de volgende morgen
te zullen doen. En hij was er: met alle armen van Rome.
Laurentius is in Noord Spanje geboren en dat zal de verering door Philips II mede hebben bepaald.
Over Philips II is meer te zeggen dan dat hij in de Nederlanden de Protestanten heeft vervolgd.
Aad: Klopt, gaat het in dit verhaal ook over! Zie verderop

LINK
Op de prent een Middeleeuwse voorstelling van de Marteldood van Sint Laurens, gedood door de hitte van het vuur.
Onbekend is meestal dat Philips, voordat hij zijn vader, Karel V, opvolgde zoo'n twee jaar in Engeland heeft gewoond als echtgenoot van Queen Mary I, niet te verwarren met Queen Mary of Scots.....
Zijn echtgenote Mary I was fanatiek katholiek en liet bijvoorbeeld op 1 dag 300 protestanten ombrengen. Tijdens de (politieke) bruiloft at Mary I van een gouden bord, Philips van een zilveren bord, de hofhouding was het niet eens met dit politieke huwelijk, bang voor nog meer katholieke invloed op het Engelse bestuur.
Men zegt dat Philips opgelucht was toen hij terug moest naar Spanje om zijn vader op te volgen. Zijn vrouw Mary I stierf in 1558 en werd opgevolgd door haar halfzuster Elisabeth I.

Philips II en zijn echtgenote Mary I aan het Engelse hof

....echtgenote Mary I is dus de geschiedenis ingegaan als
Bloody Mary

In deze kist bewaarde Philips zijn correspondentie met Spanje tijdens zijn verblijf in Engeland
Philips had helemaal geen zin aanvankelijk om met de 12 jaar oudere Mary Tudor te trouwen, dochter van Hendrik VIII en de Spaanse Catharina van Aragon en dat was weer een tante van zijn vader Karel V.
De, laten we maar zeggen, liefdesbrieven werden dan ook geschreven door zijn vader Karel en tante Maria van Hongarije, landvoogdes der Nederlanden. Oorspronkelijk had zijn vader Karel dus zelf met Mary Tudor willen trouwen....
Na de dood van Bloody Mary zou Philips II trouwen met de Franse prinses Elisabeth, de dochter van Hendrik II en Catharina de Medici als bevesting van de op 3 april 1559 tussen Habsburg en Frankrijk gesloten Vrede van Cateau- Cambrésis. Maar ook dit liep niet goed af:
Tijdens een groot steekspel werd het oog van Philips' aanstaande schoonvader Hendrik II doorboord, Hendrik II overleed één dag na de grootse bruiloft op 9 juli 1559 in de Notre Dame.
Al met al, was door al zijn huwelijken Philips II 5 jaar niet meer in zijn thuisland Spanje geweest, het klimaat in het noorden van Europa was natuurlijk ook niet goed voor zijn humeur...
Op zoek naar een komplete stamboom van o.m. Philips II, klik dan hier.

De andere Mary....
Mary Queen of Scots
LINK

Elisabeth I, de halfzuster van Mary I
Elisabeth I was protestant en wees het huwelijksaanzoek van Philips II, na het overlijden van Mary I, af

De onthoofding van Mary Queen of Scots op last van Elisabeth I
Mary houdt een kruisbeeld in haar handen
Buiten worden haar kleren verbrand, niets mag meer aan haar herinneren
LINK
Philips II werd in ons land natuurlijk heel bekend :

Philips II op de melkkoe de Nederlanden
Alva melkt de koe
namens Frankrijk trekt de Hertog van Alencon aan de staart
Koningin Elisabeth voert stroo
Willem de Zwijger probeert kalm te blijven

Fernando Alvarez de Toledo, Hertog van Alva
1507 - 1582
Gouverneur-Generaal van de Nederlanden
1567 - 1573
Zijn voornaamste tegenstanders waren echter niet de ketterse Nederlanders, maar de Fransen en, we zouden nu zeggen, de Turken. Tijden zijn bewind werd het Spaanse Imperium in de Amerika's gevestigd. De zon ging niet onder in het Rijk van Philips II, want ook de eilandengroep met als hoofdstad Manilla hoorde bij zijn rijk, wat naar hem vernoemd werd trouwens........ Prins Maurits is nooit verder gekomen dan het eiland Mauritius....
In de niet-Nederlandse verhalen over Philips II gaat het altijd nauwelijks over de strijd tegen de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, dat was voor Philips II een geloofskwestie en geen direkt machtsvraagstuk.

de werkkamer van Philips II in het Escorial
aangrenzend zijn slaapkamer en prive kapel, meer had Philips II niet nodig
De allerbovenste prent van de ketterse Blaue werd door Blaue zodanig ontworpen en ingekleurd dat het de grootsheid en vroomheid van Philips' schepping, het Escorial, moest benadrukken. Een stimulans natuurlijk voor de verkoop van zijn Spaanse en Amerikaanse Atlassen en dan gelden vaak andere dan geloofsprincipes.
Kom nog even terug op Manilla e.o., op onze site hebben we een verhaal over Olivier van Noort en zijn gruwelijke daden in de haven van Manilla....
Van Aad's eigen site komt dit : een grenskonflikt tussen de USA en Nederland : (LINK)
In 1928 voorgelegd aan het Permanente Hof van Arbitrage in Den Haag.
Het geschil betrof een klein eiland (Palmas) in de Filippijnse archipel wat, t.g.v. de uitspraak van het Permanente Hof van Arbitrage, nu nog steeds bij Indonesië hoort :
Palmas was in 1898 door Spanje overgedaan aan de USA, (na de oorlog tussen Spanje en de USA, waarna de USA o.m. de soevereiniteit over de Filipijnen kregen) maar bleek, helaas voor de Amerikanen, in handen van de Nederlanders. Toen de Amerikanen protesteerden, werd dit door de Nederlanders bestreden met het argument dat Palmas al twee eeuwen de Nederlandse soevereiniteit bezat.
Voor het Hof in 1928, dus nog volop in de imperialistische periode, golden de volgende argumenten : hoe hanteer je de regels van soevereiniteit en aanverwante procedurele zaken.
Indien blijkt dat een land een duurzame gezagsuitoefening heeft over een gebied, bezit het automatisch de feitelijke soevereiniteit. Dat de Nederlanders er in 1898 de Amerikanen niet opgewezen hadden, dat zij Palmas al twee eeuwen in bezit hadden, was geen argument. De USA voerde aan dat de Spanjaarden het eiland het eerst hadden ontdekt en in bezit hadden genomen, voordat de Nederlanders kwamen. En zij waren de rechtmatige opvolgers van Spanje.......
Helaas voor de Amerikanen bleek dat de Hollanders in 1677 een verdrag met de plaatselijke bevolking hadden afgesloten, wat nooit door de Spanjaarden was bestreden. Het argument dat Palmas volgens kaarten visueel toch duidelijk bij de Filipijnen hoorde, deed niet terzake.
Volgens deze redenering zou bijv. het eiland Ameland bij Spanje kunnen horen. Dergelijke juridische uitspraken hebben ook nu nog steeds hun invloed : denk maar aan de versnippering in het Caraïbische gebied. Een fraai voorbeeld zijn natuurlijk ook nog steeds de Falklands, in bezit van de UK, maar vlak voor de Argentijnse kust.
Alle rechtsgeleerden waren het er destijds over eens dat de USA met heel zwakke argumenten aan kwam dragen. Zo werd door de USA serieus het Verdrag van Tordesilhas
uit 1494 erbij gehaald, toen via een Pauselijke bul de wereld verdeeld werd tussen de Spanjaarden en de Portugezen. Als je nu moet lachen, wist je dat dit zelfde verdrag (Verdrag van Tordesilhas) nu nog steeds in Argentinië wordt gebruikt om aan te tonen dat Argentinië de soevereiniteit bezit over de Falkland eilanden oftewel de Malvinas ?
Het Verdrag van Tordesilhas is als volgt ontstaan:
Om een eind aan de koloniale rivaliteit te maken, kwam de met steun van Isabella en Ferdinand van Spanje op 11 september 1492 tot paus Alexander VI gekozen Valenciaan Rodrigo de Borja (Borgia in het Italiaans) tussenbeide om in het op de spits gedreven conflict te bemiddelen. Op 4 mei 1493 werd de Nieuwe Wereld bij Pauselijke bul tussen beide Roomse rijken verdeeld door middel van een Linea de mercatione - een symbolische lengtegraad van pool tot pool. Alle ontdekte of nog te ontdekken eilanden en al het vasteland op 100 mijl ten westen van de Azoren vielen onder de invloedssfeer van Spanje.
Alles ten oosten van deze Pauselijke meridiaan kon door Portugal worden ingelijfd, gekerstend en geëxploiteerd. De voorgestelde demarcatielijn werd echter niet gehandhaafd. Joao II tekende protest aan en om de Spaanse zeeverbindingen met 'de Indiën' niet in de waagschaal te stellen, stemden Isabella en Ferdinand in met een aanpassing. Na slopende onderhandelingen werd de Pauselijke bul Inter caetera diviae op 7 juni 1494 in de middeleeuwse vestingstad Tordesilhas door beide partijen geratificeerd, wat de geschiedenis is ingegaan als Het Verdrag van Tordesilhas
Alle eilanden en delen van het vasteland, die ontdekt zijn of die nog ontdekt zullen worden, ten westen en zuiden van een lijn die van de Noordpool tot de Zuidpool loopt en op een afstand van 370 légoa [1175 zeemijlen] ten westen en ten zuiden van de eilanden die de Azoren en Kaapverdische worden genoemd, wijzen Wij krachtens het gezag van de almachtige Godheid, dat Ons in de Heilige Petrus werd opgedragen, en Ons gezag als Plaatsbekleder van Christus, dat Wij op aarde uitoefenen, toe aan U en Uw erfgenamen en opvolgers, de koningen van Castilië en León, en wel voor altijd...
Op het internet staat trouwens nogal wat onzin over Koning Philips II, dus ook dat moet even rechtgezet:
In ons Vaderlands geheugen, zullen we maar zeggen, komt Philips II er natuurlijk terecht niet zoo best af. Echter veel van zijn kwade imago komt o.m. door wat ooit Willem de Zwijger in zijn Apologie schreef als reaktie op de ban die Philips II over Willem de Zwijger uitgaf:
We citeren even wat uit dit verhaal:
De (persoonlijke) strijd van Philips II tegen Willem de Zwijger ging uiteindelijk zover dat in Juni 1580 Willem de Zwijger in de ban werd gedaan, met o.m. de volgende tekst :

En wat ieder kan zien is, dat al deze verwarring en rampen, waar onze landen aan lijden veroorzaakt worden door deze boosaardige huichelaar, die al zijn geluk aanwendt tot het ongeluk van onze onderdanen. ... Zolang hij zich binnen onze landen zal ophouden, zal daar geen vrede noch enige rust te verwachten zijn.
Het is, nu we alles overzien, om al deze redenen billijk, redelijk en rechtvaardig: en daarbij gebruik makend van de autoriteit die we over hem hebben krachtens de eed van trouw en als soeverein van deze erflanden, en in het bijzonder acht slaande op zijn
boosaardig handelen en op het feit, dat hij alleen het hoofd, de aanstichter en stimulans is van al deze onlusten, en de voornaamste rustverstoorder van al onze landen en staten, en in het kort: de algemene pest voor de Christenheid, dat we hem aanzeggen te zijn een misdadiger en verrader, en een vijand van ons en van onze landen.
En wij doen hem in de ban en verbannen hem hiermede voor altijd uit al onze landen, staten, koninkrijken en heerlijkheden. Wij verbieden al onze onderdanen, van welke rang of stand die ook zijn, met hem te onderhandelen, bij hem te verblijven, met hem te spreken of contact te onderhouden in het openbaar of in het geheim, hem te ontvangen in hun huizen, hem te voorzien van levensmiddelen, drinken, vuur of anders van dienst te zijn, op straffe dat wij onze toorn over hem zullen doen komen.
Wij beloven op ons woord van koning en als dienaar van God, dat, indien er iemand, ongeacht of deze onze onderdaan is of niet, zich zo edel van gemoed in onze dienst en in die van het algemeen welzijn zou gedragen, dat hij op één of andere manier dit bevel van ons zou kunnen doen uitvoeren, en ons zou verlossen van voornoemde pest, door ons deze dood of levend uit te leveren of door hem van het leven te beroven, wij hem en zijn erfgenamen zullen belonen met een bedrag van 25.000 gouden kronen, naar keuze in grond of in geld. Indien hij een misdaad begaan had, hoe groot deze ook mocht zijn, beloven wij dat deze dan zal zijn vergeven; indien hij niet van adel was, zullen wij hem in de adelstand verheffen op grond van zijn dapperheid; en voorzover hij zich heeft bediend van helpers, zullen wij ook deze belonen al naar gelang zij zich verdienstelijk hebben gemaakt; wij zullen hun misdaden vergeven en ook hen in de adelstand verheffen.

Willem de Zwijger beantwoordde deze propaganda strijd in 1581 met zijn Apologie, waarin het Spaanse bewind als wreed werd afgeschilderd, een barbaarse tirannie en waarin zowel Philips II als Alva zwart werden gemaakt, de Staten-Generaal was gedwongen geweest om de katholieke godsdienst te verbieden vanwege de onbeschaamdheid, de aanslagen en het verraad van zijn vijanden. Deze Apologie heeft het beeld, wat wij nu nog steeds globaal hebben in 2003 van de strijd tegen de Spanjolen sterk beinvloed, laat staan wat het voor invloed op de streng Calvinistische 16e en 17e Eeuwse (en erna) Nederlanders heeft gehad.
De Apologie, door Willem van Oranje in december 1581 aangeboden aan de Staten-Generaal, was opgesteld door Hubert Languet, de hofprediker van Willem van Oranje. De uit Frankrijk afkomstige Hugenoot Hubert Languet was ook een bekend pamfletten schrijver. Hubert Languet zorgde ook voor een Franse, Duitse en Latijnse vertaling. Al deze uitgaven van Hubert Languet werden op kosten van de Staten-Generaal niet alleen in de Nederlanden, maar ook daarbuiten verspreid.
Beroemd is ook de inscriptie in de Muur van de Reformatie in het Parc des Bastions in Genève. In het beeldhouwwerk is een beeld(je) van Willem de Zwijger verwerkt....en dat alles geinspireerd door de Apologie van Willem de Zwijger en het Plakkaat van Verlatinghe, waarover hieronder meer.
D'ONDERSATEN EN ZYN NIET VAN GODT GHESCHAPEN
TOT BEHOEF VAN DEN PRINCE OM HEM IN ALLES WAT HY BEVEELT
WEDER HET GODDELICK OFT ONGODDELICK RECHT OFT ONRECHT IS
ONDERDANIGH TE WESEN ENDE ALS SLAVEN TE DIENEN
MAER DEN PRINCE OM D'ONDERSATEN WILLE
SONDER DEWELCKE HY EGEEN PRINCE EN IS
OM DESELVE MET RECHT ENDE REDENE TE REGEEREN
EMBRASSONS ENSEMBLE LA DEFENSE DE CE BON PEVPLE
I'ESPERE MOYENNANT VOSTRE ET LA GRACE DE DIEV
LAQVELLE I'AY SENTIE SI SOVVENT PAR CE DEVANT
ET EN CHOSES SI PERPLEXES QVE CE QVI SERA PAR VOVS
IE LE MAINTIENDRAY
GUILLAVME PRINCE D'ORANGE AUX ETATS GENERAVX
LE 21 JVILLET 1581
LES ETATS REVNIES A LA HAYE ADOPTENT
LA DECLARATION D'INDEPENDANCE DES PROVINCES VNIES
Een van de eerste teksten met het Je Maintendrai....

Plakkaat van Verlating / Verlatinghe
26 Juli 1581
De volledige tekst van het Plakkaat kun je vinden in dit verhaal : LINK
In het Plakkaat van Verlatinghe opgesteld in Juli 1581 wordt door de Staten-Generaal Philips II en zijn erfgenamen voor eeuwig verclaert vervallen vande overheit ende heerschappije dese voorseyde Nederlanden. Van al het muntgeld wordt de beeltenis van Philips II verwijderd, de Habsburgse Vlaggen en Wapenborden in "overheidsgebouwen" worden verwijderd. Alle ambtsdragers, bestuurders en schutters moeten een nieuwe eed van trouw afleggen en hun gedane eed intrekken en zelfs beloven tegen hun oude Koning te zullen optreden. Een ongehoorde en nog nooit vertoonde gebeurtenis in het Europa van toen, Philips II is diep beledigd, want, zoals we schreven in dit verhaal :
Philips II was inderdaad, volgens vriend en vijand, een diep gelovig Katholiek die echter niet begreep, maar dat was natuurlijk in die tijd als Soeverein, als Alleenheerser, moeilijk te begrijpen, dat er mensen waren die over hun geloof wat anders dachten.
Een van zijn grootste tragedies, hij heeft hier echt onder geleden, dacht echt dat die ketters allemaal in de hel zouden komen, hij moest ze dus wel redden..., goedschiks of kwaadschiks
En dit schrijft Willem de Zwijger dus letterlijk over Philips II in zijn Apologie:
Philips II heeft zijn eigen vrouw; de dochter respectievelijk de zuster van de Franse koning, vermoord, om een nieuw huwelijk te kunnen sluiten. God zal zich daarvoor wreken en hem afzetten. Dat verdient Philips II maar al te zeer, gezien de bloedschande en moord waaraan Philips II zich schuldig heeft gemaakt. Maar Philips II had toestemming om dat te doen, zullen we maar zeggen. Van wie dan? Van de paus van Rome, die een soort God op aarde is. Hij heeft natuurlijk de toestemming verleend, want de ware God zou zoiets nooit hebben toegestaan.
Op grond waarvan werd hem die half-goddelijke dispensatie verleend?
Omdat men zo'n prachtig koninkrijk niet zonder erfgenaam behoorde te laten.
Voorts heeft de koning zijn eigen zoon en erfgenaam Don Carlos vermoord, ten einde de paus een reden te geven om de weerzinwekkende bloedschande toe te staan. Wie zal het mij kwalijk kunnen nemen als ik zeg niet geregeerd te willen worden door een koning die zich schuldig maakt aan incest en moord?
Hoeveel koningen zijn er niet om veel kleinere misdaden uit hun rijk verdreven?
Was don Carlos niet onze toekomstige vorst? Als de vader enige reden had om zijn zoon te vermoorden, had Philips II dan niet ons daarin moeten mengen, veeleer dan een stuk of wat Spaanse inquisiteurs?
Wellicht knaagde het aan zijn geweten dat hij een bastaard tot erfgenaam zou maken. Immers, toen Philips II zich voornam te trouwen met Maria van Portugal, de moeder van don Cartos, was Philips II al gehuwd met donna Isabella Osorio, bij wie Philips II ook twee kinderen heeft verwekt. De ene heet don Pedro, de andere don Bernardino. Van dat huwelijk zou Ruiz da Silva Gomez, prins van Eboli, als hij nog zou leven, voldoende kunnen getuigen, aangezien hij zelf dat huwelijk heeft gesloten. Deze huwelijksvoltrekking heeft Ruiz Gomez veel aanzien en grote bezittingen opgeleverd, welke, tot groot ongenoegen van zijn weduwe, nu weer worden afgenomen.
Het huwelijk van Philips II met de dochter van de Franse koning was al niet veel gelukkiger. Afgezien van het feit dat Philips II haar uiteindelijk heeft vermoord, heeft hij zich tijdens haar leven ook berucht gemaakt door overspel: hij had namelijk een relatie met donna Eufrasia. Toen zij van hem in verwachting was, dwong Philips II de prins van Ascoli met haar te trouwen. Binnen korte tijd overleed deze prins van verdriet om het feit dat hij niet wist te voorkomen dat de bastaard van een andere vader zijn erfgenaam zou worden. Hoe durft iemand, die zich in drie huwelijken zó misdragen heeft beschuldigingen te uiten ten aanzien van mijn wettig huwelijk?
Willem de Zwijger doelt hierbij op de beschuldiging in de Ban van Philips II over de onwettigheid van het huwelijk van Willem van Oranje met Charlotte de Bourbon. Charlotte de Bourbon is inderdaad op jeugdige leeftijd in een klooster ingetreden, heeft de kloostergelofte afgelegd en is er zelfs abdis geworden: een normale gang van zaken in adellijke families, die aan hun vaak vele dochters een inkomen wilden verschaffen. Charlotte is naderhand luthers geworden, heeft zich daardoor terecht bevrijd geacht van haar gelofte en aan haar huwelijk met de Prins van Oranje stond niets meer in de weg - behalve dan in de ogen van orthodoxe katholieken als de Spaanse Koning Philips II....
Al zou het waar zijn dat Philips II onschuldig is, dan baart het me nog geen zorgen dat Philips II mij een fout zou kunnen aanwrijven. Ik heb steeds weldoordacht gehandeld en advies gevraagd aan diverse vooraanstaande, eerzame en verstandige personen. Trouwens, waarom is het nodig dat hij zich bemoeit met een zaak die hem niets aangaat en waarover ik mij voor hem niet behoef te verantwoorden? Wat betreft wijlen mijn echtgenote, zij stamde af van zeer vooraanstaande, vermogende, verstandige en lofwaardige vorsten. Ik zou hem zo nodig kunnen bewijzen dat ook zijn geleerdste leermeesters hem in het ongelijk zouden stellen.
Willem de Zwijger heeft het hier over zijn vrouw Anna van Saksen, met wie hij in 1561 huwde en van wie hij in 1571 scheidde. Anna van Saksen overleed krankzinnig in 1577. Meer over de vrouwen van Willem van Oranje kun je vinden in dit verhaal.
Er werd mij ook verweten dat ik een vreemdeling en een buitenlander zou zijn. Alsof de prins van Parma zo'n voortreffelijk patriot is!

27 augustus 1585
Parma trekt Antwerpen binnen
Parma zit op het witte paard op de brug net voor de stadspoort van Antwerpen

1584
Munten geslagen tijdens het Beleg van Antwerpen
LINK

Alexander Farnese, Hertog van Parma
1543 - 1592
zoon van de Landvoogdes Margaretha van Parma
Parma is niet hier geboren, heeft in onze gewesten geen enkele bezitting noch functie, maar voert niettemin het bevel over een aantal dwazen, die als arme slaven naar zijn pijpen dansen. Maar wat verstaan zij dan onder een vreemdeling? Het antwoord luidt: iemand die in het buitenland is geboren. Hieruit valt te concluderen dat Philips II ook een vreemdeling is. Philips II is immers geboren in Spanje, een land dat met dit land een natuurlijke vijandschap heeft.
Ik, daarentegen, ben geboren in Duitsland, met welk land wij een natuurlijke vriendschap onderhouden. Men zal hiertegen inbrengen dat hij koning is; ik zeg dan op mijn beurt dat een koningstitel ons hier onbekend is. Philips II mag overal koning zijn waar hij wil heersen. In dit land kennen wij slechts een hertog en een graaf; hun macht is duidelijk omlijnd aangezien zij bij hun inhuldiging zweren onze privileges te zullen eerbiedigen. (LINK)
Het is voorts bekend dat ik en mijn voorouders, van wie ik in rechte mannelijke lijn afstam, al meer dan tweehonderd jaar graafschappen en vrije heerlijkheden in Brabant, Luxemburg, Vlaanderen en Holland bezitten. (LINK)
Willem van Oranje oppert dus in zijn Apologie de meest vreselijke beschuldigingen tegen Philips II : moord op eigen vrouw en eigen zoon en nog bloedschande op de koop toe.
Inderdaad is bekend uit allerlei bronnen over het doen en laten aan het Spaanse hof in die dagen, dat dit vooral werd beheerst door een sterk ontwikkeld wantrouwen van Philips II, waar het regeringszaken betrof. Het is van Philips II bekend, dat hij een gegeven advies vaak niet opvolgde, omdat hij meende iets achter de bedoelingen van de adviseur te moeten zoeken.
Het bekende voorbeeld uit de eerste vijftien tot twintig jaar van zijn regering is het gelijktijdig optreden van twee leden van zijn Kroonraad geweest, die toch elkaars verklaarde tegenstanders waren: de prins van Eboli en de hertog van Alva. De eerste was nogal liberaal gezind en de tweede - zoals we weten - bepaald niet. Bij botsingen tussen deze beiden koos Philips II op het oog nogal eens de partij van Ruiz Gomez (Eboli), maar hij volgde tenslotte vaak, zoals bijvoorbeeld in de zaak der Nederlanden, het advies van Alva.
Het kan niet worden gezegd, dat dit op een zeker wantrouwen gebaseerde systeem alleen maar slechte resultaten opleverde, maar door het van tijd tot tijd 'in ongenade vallen' van bepaalde adviseurs werd de karaktervastheid van de koninklijke raadslieden niet bevorderd; hun wraakzucht na ondervonden vernedering daarentegen wel.
Dit is onder meer het geval geweest met een zekere Antonio Perez, een protégé van de prins van Eboli. Deze man werd in 1582 in staat van beschuldiging gesteld. Hierbij heeft de moord op Juan de Escovedo waarschijnlijk een rol gespeeld.
Juan de Escovedo was als secretaris van Landvoogd Juan van Oostenrijk, een halfbroer van Philips II, vanuit Brussel naar het Escorial gestuurd. Op bevel van Philips II werd Juan de Escovedo in 1578 gedood.
Na langdurige vervolgingen en verhoren wist Perez in 1591 uit de gevangenis te ontsnappen en naar Engeland te ontkomen, waar hij in 1594 zijn Relaciones publiceerde. Dit verhaal is, behalve op zijn gevoelens van haat jegens Philips II, waarschijnlijk ook gebaseerd op mededelingen, aan Perez gedaan door de weduwe van de prins van Eboli, die na de dood van haar man in
1573 een verhouding had met Antonio Perez.
De geruchten en verhalen over bastaardij, moord en incest zijn kennelijk van die zijde gekomen en ze werden waarschijnlijk na de dood van Eboli en dus nog ruim vóór het verschijnen van de Apologie bekend. Of Willem de Zwijger het naadje van de kous wist, daaraan mag natuurlijk getwijfeld worden, maar in de calvinistische sfeer van destijds en nog tot voor kort, werd alles blijkbaar voor waar aangenomen, want Willem de Zwijger had het immers zelf gezegd....
Over de volgende versie is nu eigenlijk geen diskussie meer:
Philips II trouwde in 1543 met Maria van Portugal. Philips II was toen zestien jaar en het is inderdaad mogelijk, dat Philips II vóór die tijd een verhouding heeft gehad met de werkelijk geleefd hebbende donna Isabella Osorio. Minder waarschijnlijk is, dat Philips II haar een huwelijksbelofte heeft gedaan en nog minder waarschijnlijk, dat Philips II met haar zou zijn getrouwd en dat nog wel ten overstaan van de geen priester zijnde prins van Eboli. Eén kind uit de verhouding zou overigens nog mogelijk zijn geweest, maar twee, of volgens sommigen zelfs drie, lijkt wat veel voor een toen nog geen zestienjarige jongen - tenzij er natuurlijk sprake is geweest van een twee- of drieling.
Het huwelijk tussen Philips II en Maria van Portugal is volgens tijdgenoten zeer gelukkig geweest, maar aan dit geluk kwam een einde door de geboorte van hun zoontje, don Carlos, op 8 juli 1545 en de dood van zijn moeder enkele dagen later.
Kroonprins Philips II was toen 18 jaar en hij moest hertrouwen. Het werd ditmaal de Engelse koningin Bloody Mary Tudor, want zijn vader Karel V vond het nodig een Habsburgse invloedssfeer in Engeland te creëren. Uit dit in 1546 gesloten huwelijk, dat nauwelijks als zodanig mocht worden aangeduid, werden geen kinderen geboren. Deze Bloody Mary stierf in 1558.
Intussen was Philips II koning van Spanje geworden en de kroonprins, don Carlos, groeide niet op als een jonge vorst, van wie men goede verwachtingen mocht koesteren. Sommigen spreken van dementia praecox, maar het is waarschijnlijk beter niet al te veel te vertrouwen op medische indicaties uit die tijd. Wèl schijnt de jongen volkomen onberekenbaar, vals en wreed te zijn geweest.
Er werd overigens natuurlijk al aan een huwelijk gedacht en over mogelijke kandidaten gesproken. Men heeft daarbij onder meer gedacht aan Elisabeth I van Engeland, de jongere halfzuster van Bloody Mary Tudor en aan Elisabeth van Valois, dochter van de Franse koning Hendrik II en diens vrouw Catharina de Médicis - dit ondanks het feit, dat Frankrijk en Spanje toen nog met elkaar in oorlog waren. Die oorlog werd beëindigd in 1559 door de vrede van Le Cateau Cambrésis en aangezien Philips II inmiddels weduwnaar was geworden, leek Philips II een betere kandidaat dan zijn ongelukkige zoon als het ging om versteviging van de banden tussen Frankrijk en Spanje en de verwezenlijking van de gezamenlijke strijd tegen de ketterij.
Het in 1559 gesloten huwelijk tussen Philips II en Elisabeth van Valois schijnt ook zeer gelukkig te zijn geweest. Philips II , in onze geschiedenis nog altijd in donkere kleuren geschilderd, moet een goed huisvader en opvoeder van zijn kinderen zijn geweest. Zijn correspondentie bijvoorbeeld met zijn uit dit derde huwelijk geboren dochter Isabella, de latere aartshertogin-landvoogdes der Zuidelijke Nederlanden, levert daarvan bewijzen in overvloed.

Isabella Clara Eugenia de Austria
1566 - 1633
dochter van Philips II
Landvoogdes van de Spaanse Nederlanden
samen met haar echtgenoot
Albertus van Oostenrijk
1559 - 1621
Citaat uit ons 1600 Slag bij Nieuwpoort verhaal:

Een munt met Isabella Clara Eugenia de Austria
1566 - 1633
dochter van Philips II
Landvoogdes van de Spaanse Nederlanden
samen met haar echtgenoot
Albertus van Oostenrijk
1559 - 1621
LINK
Over het leven van Philips II en zijn karakter valt nog veel meer te verhalen:
Vader Karel V zal trouwen met een Portugese prinses. Na dit huwelijk moest er in Spanje ook een hervorming van bestuur en rechtspraak komen en men wil niet langer buitenlanders op hoge posten aan het Spaanse hof. Als Karel V niet aanwezig kan zijn, moet er een Spanjaard aangesteld worden als stadhouder en regent. Verder wil men dat Karel V Spaans zal leren spreken. Wanneer er uit het huwelijk kinderen komen, zullen die in Spanje opgevoed moeten worden. Al deze eisen worden ingewilligd, zij het niet allemaal tegelijk, en de komende jaren blijft Karel V in Spanje. En dus zal zijn zoon, de latere Philips II in Spanje opgroeien.
Karel V laat trouwens in Granada een groot renaissance-paleis bouwen, midden in het Alhambra, en brengt het hele Bourgondische hof met zich mee, dat zich al gauw moet aanpassen aan de strakke leefregels van de oude Castiliaanse adel. Karel V draagt zelfs strenge zwarte kledij, als een echte Spaanse edelman. Deze gewoonte wordt door zoon Philips II, uit eerbied voor zijn vader, heel zijn leven streng nageleefd.
Pas in Spanje aangekomen, moest Karel V dus nadenken over een huwelijk dat door de Spanjaarden zo dringend gewenst wordt. In de Nederlanden heeft Karel V al een dochter, de latere landvoogdes Margaretha van Parma, geboren uit zijn verhouding met een dienstmeisje, maar het wordt tijd om aan een wettige opvolger te gaan denken. Er wordt onderhandeld met de koning van Portugal; deze is bereid een bruidschat van een miljoen dukaten aan zijn dochter Isabella mee te geven. En zo kwam de dochter van Philips II, Isabella, aan haar naam: vernoemd naar Grootmoeder Isabella van Portugal.

Margaretha van Parma
LINK
de moeder van Alexander Farnese,
Hertog van Parma
Als Philips II een jaar of zeven is, blijkt de jonge prins nog niet te kunnen lezen en daarom wordt er een gouverneur aangesteld.
De nieuwe gouverneur is streng. Philips II beklaagt zich daar tevergeefs over, want zijn opvoeding heeft tot doel een modelprins van hem te maken. Philips II moet leren zich als een toekomstig vorst te gedragen, waardig en gereserveerd: Philips II mag niet langer zomaar zijn emoties tonen, maar moet die juist onderdrukken, en dat leert Philips II zo uitstekend dat hij later onveranderlijk star overkomt, inwendig verlegen en daardoor uiterlijk koel en onaangedaan.
Philips II krijgt onderricht in Grieks, Latijn, muziek en tekenen, aardrijkskunde en geschiedenis. Hij leert nooit goed rekenen, misschien is dat een
reden waarom Philips II later wil dat er op scholen juist wel aandacht gegeven wordt aan het wiskunde-onderwijs. Philips II leert evenmin Frans te spreken, hoewel hij het wel kan verstaan.
Als prins is Philips II niet erg gezond. Hij maakt een tengere, bleke indruk en heel zijn leven blijft hij tobben met zijn gezondheid.
Braakmiddelen horen tot de vaste attributen die de doktoren hem voorschrijven, iets heel gewoons in een tijd waarin de meest voorkomende medicijn aderlaten is, waardoor de patiënt vaak nog eerder het leven laat dan anders het geval zou zijn geweest.
Philips II groeit ondanks dit alles op tot een knappe, elegante verschijning, tot in de puntjes verzorgd, wat bedeesd en timide, klein van stuk, met heldere grijsblauwe ogen en een grote vooruitstekende onderkaak. Zijn houding is die van een echte Spaanse edelman, aan hem is niets meer van een niet-Spaanse buitenlander terug te vinden. Philips II wordt zeer vroom opgevoed en krijgt een, eigen kapel.
Philips II is 21 jaar, als hij zijn eerste grote buitenlandse reis gaat maken. Een grote vloot wordt uitgerust om de prins bescherming te bieden, want de Middellandse Zee is een onveilig gebied vol piratenschepen. Onder de hoede van de Hertog van Alva zal Philips II naar Genua reizen en vandaar over land via Oostenrijk en het Duitse rijk naar Brussel, de hoofdstad van de Lage Landen, waar zijn vader op hem wacht. De vloot zeilt uit vanuit de Catalaanse haven Rosas; aan boord bevinden zich vele Spaanse edelen. Muziek klinkt over het water, ter ere van de kroonprins hebben de galeien fel gekleurde roeispanen en vergulde voorstevens.
In Genua volgt een grootse ontvangst; voor Philips II zijn triomfbogen opgericht, er volgt een aaneenschakeling van, feesten en banketten en de hoffelijke toespraken worden door de Hertog van Alva al even hoffelijk beantwoord. Maar in Italië laat Philips II geen goede indruk achter. Zijn bedeesdheid en gereserveerdheid doen hem voor hoogmoedig en trots doorgaan. Bij de levendige, emotionele Italianen komt Philips II koud en kil over en zij zijn verontwaardigd over zijn gedrag. Later in de Nederlanden gaat het al niet veel beter, al doet hij erg zijn best om aangenaam gezelschap te zijn, want de Lage Landen maken een diepe indruk op hem.......

1555
Karel V, leunend op Willem van Oranje, doet afstand van de regering
links zoon Philips II
in het midden, de zuster van Karel V, Landvoogdes Maria
Het moment is aangebroken waarop Philips II naar voren treedt, alle ogen zijn op hem gericht. De prins is nu achtentwintig jaar, hij loopt kaarsrecht, met vorstelijke tred, zoals een tijdgenoot hem beschrijft. Zijn lichaam is zo goed geproportioneerd dat de natuur het niet volmaakter had kunnen doen.
Verlegen, stijfjes, maakt Philips II ondanks alles een bedeesde indruk. In Spanje wordt hij later El Prudente genoemd, de Voorzichtige, vanwege zijn langzame, behoedzame, maar ook weifelende optreden.
Voor de voeten van zijn vader Karel V knielt Philips II neer en legt de gelofte af die hem tot landsheer van de Nederlanden maakt. Vervolgens moet Philips II de vergadering toespreken in het Frans, maar na een paar woorden al breekt Philips II zijn toespraak af. Zijn verlegenheid zit hem dwars en bovendien is zijn Frans heel slecht, hij heeft het nooit behoorlijk leren spreken.
Er valt een pijnlijke stilte. Antoine Perrenot, bisschop van Arras, de latere kardinaal Granvelle, neemt het van Philips II over en leest de rest van de rede in rad Frans voor.

Antoine Perrenot, heer van Granvelle
LINK
Philips II werkt als Koning altijd heel stipt en punctueel, en wil altijd tot in alle finesses zijn zaken kunnen overzien, of het nu de veroordeling van een paar stropers betreft of belangrijke politieke beslissingen en benoemingen. Alles wil Philips II lezen voordat hij onder een document zijn handtekening zet, vaak na de kantlijn volgeschreven te hebben met persoonlijke aantekeningen in zijn kriebelschrift. Zijn handtekening is eenvoudig:
Yo, el Rey, Ik, de Koning
Karel V heeft hem in zijn instructies de raad gegeven: vertrouw niemand buiten jezelf; bind je aan niemand, en dus werkt de koning aan zijn schrijftafel. Met roodomrande ogen van het staren naar de eindeloze letters, met hoofdpijn, leest en ondertekent en beoordeelt Philips II alles heel alleen. Zijn secretaris, Gonzalo Pérez, legt stukken aan de Staatsraad voor- aan het eind van zijn leven heeft Philips II veertien Centrale Raden die hem adviseren, het is een ontzaglijk regeringsapparaat dat hem ter beschikking staat - en eens klaagt de secretaris dat, hoewel hij zelf ziek is geweest, dat niets uitmaakt, want Philips II neemt zijn besluiten zo langzaam dat zelfs een kreupele het tempo kan bijhouden. Een andere keer verzucht hij:
Zijn besluit is het, géén besluiten te nemen.
Treuzelen en niet tot besluiten komen is een van de wezenlijke trekken van Philips' karakter. Philips II houdt er niet van beslissingen te nemen en schuift ze eindeloos voor zich uit. Een extra moeilijkheid is de grote afstand die brieven en documenten vaak af moeten leggen, zodat als het antwoord eindelijk is gearriveerd, het juiste moment om zaken af te handelen al voorbij is.
De koninklijke schrijftafel ligt altijd bedolven onder de documenten. De papieren Koning is de bijnaam die Philips II al spoedig krijgt.
Philips II beschikt dus over een ijzeren plichtsbesef, hij legt zich een bijna bovenmenselijke discipline op en worstelt zich iedere dag tot 's avonds laat door de papieren berg heen; maar desondanks wordt er in de verre rijksdelen steen en been geklaagd. In Amerika, in Mexico, op de Filippijnen, zitten ambtenaren soms meer dan een jaar op beslissingen te wachten.
Philips II klaagt tegen zijn secretaris dat hij doodmoe is, de letters dansen voor zijn ogen in het kaarslicht, zijn ogen zijn zelfs ontstoken.
Eens schrijft Philips II een briefje aan Gonzalo Pérez, dat begint met: Ofschoon ik nog honderdduizend stukken voor me heb liggen, bedacht ik dat ik u eraan herinneren moest dat. . .
Bovendien betaalt Philips II zijn dienaren slecht. Er is altijd gebrek aan geld. Karel V heeft met al zijn oorlogen Spanje al bijna tot een bankroet gebracht. Tijdens Philips II ' regeringsperiode gaat Spanje zelfs vier keer bankroet. Ook met de soldij van zijn soldaten is Philips II vaak achterstallig, wat de ellende van plunderingen en strooptochten tot gevolg heeft, zoals in de Nederlanden. Rijke, machtige edelen zoals de hertog van Alva moeten de koning bijspringen en uit eigen zak bijbetalen en schulden maken, en dat doen ze ook, zonder daarvoor ooit beloond te worden. De hertog van Alva maakt dan ook aan het eind van zijn leven de opmerking dat de koning hem uitgeknepen heeft als een citroen.
Er blijft Philips II maar weinig tijd over om zijn gezinsleden te zien. Of om te gaan jagen en vissen, hoewel hij soms te paard van zijn ene buiten naar het andere rijdt om te zien hoe de tuinen en visvijvers erbij liggen. Na een poos brengt Philips II alle vrije tijd door met de bouwplannen en het toezicht op de bouw van zijn grote paleis in het gebergte buiten Madrid: het Escorial.
In totaal zal het twintig jaar in beslag nemen voordat het paleis helemaal gereed is. Het is zowel paleis als klooster; er wordt een zegeteken geplaatst ter herinnering aan de slag bij het Franse St. Quentin; en het is een mausoleum waar de graftomben van de Spaanse koningen hun definitieve plaats krijgen. Eens zal Philips II er zelf begraven liggen met zijn familieleden, iedere dag zullen de monniken er de mis lezen en voor zijn zieleheil bidden, zo heeft Philips II vast laten leggen!
Maar tegelijk moet het een woning zijn, er moet een hofhouding ondergebracht kunnen worden van honderden mensen, er moeten audiënties plaats kunnen vinden, het moet eert cemtrum worden van kunst en wetenschap.
Philips II is ook een hartstochtelijk verzamelaar. Philips II stuurt Spaanse geleerden naar Amerika om er vreemde planten te bestuderen, meer dan achthonderd verschillende soorten worden naar Europa gestuurd en de gedroogde exemplaren worden in boeken gebonden en in het Escorial opgeslagen, waar ze later, jammer genoeg, bij een brand verloren gaan.
Ook de verzameling Vlaamse schilderkunst zal in het Escorial worden ondergebracht.
Juan de Herrera is de eerste bouwmeester van het Escorial. Hij is wiskundige en bezit boeken over toverkunst en astrologie; de fundering van het enorme bouwwerk wordt dan ook gelegd op de dagen dat de hemellichamen een gunstige stand hebben. Men zegt dus dat de plattegrond de vorm heeft van het rooster, waarop de heilige Laurentius gemarteld werd. Anderen menen dat het ontwerp veel weg heeft van de magische tempel van Salomo, waarvan Herrera een reconstructie heeft gemaakt. In elk geval vertragen de niet aflatende bemoeienissen en wijzigingsvoorstellen van Philips II de bouw, hij brengt de werklieden tot wanhoop, protesteert woeidend bij de bouwmeesters wanneer er naar zijn mening 'weer niets gedaan is' en blijft hem achtervolgen.
In het kale, spikkelige bergland rijst langzaam een imponerend granieten renaissance bouwwerk op, met leien daken, streng en symmetrisch. Het weerspiegelt Philips' geest: vroom, sober, onverzettelijk.
Een klooster, Philips II zal er later wonen als een monnik. Maar voorlopig is het nog niet zover, Philips II loopt rond over de stoffige bouwplaats; kijkt omlaag naar de zwaar belaste zwoegende muilezels, hoort het geschreeuw en gescheld vanaf de karren vol leistenen, want het idee van leien daken is afkomstig van de Nederlandse werklieden......
Er staan primitieve hijskranen en grote grijptangen waarmee de blokken graniet uit de steengroeven van Avila gelicht worden.
Als een flink deel van het gebouw klaar is, blijft Philips II er ook overnachten. Hij geeft de opdracht dat tot acht uur, de tijd waarop hij opstaat, de werklieden niet te veel lawaai mogen maken en uit de buurt van zijn slaapkamer moeten blijven.
Philips II houdt ook erg veel van muziek en is zelf een bekwaam luit- en gitaarspeler.

In 1584, twintig jaar na het begin van de bouw, is het Escorial eindelijk voltooid. Philips II heeft tranen van blijdschap gestort toen het gebouw klaar was. In die twintig jaar is er twee keer brand uitgebroken, een keer zijn de arbeiders in staking gegaan (roffelend op trommen, blazend op fluiten), omdat een paar werkliedenonderlîng slaags waren geraakt en in de gevangenis belandden. Philips II moest toen zelf komen om zijn bouwers weer in het gareel te brengen.
In de Kerstnacht van 1566, toen het Escorial nog pas half voltooid was, heeft Philips II blootshoofds in de ijzige kou in het koor gezongen, samen met de monniken. De monniken zingen nog iedere ochtend bij zonsopgang in de kapel, en vanuit zijn slaapkamer kan Philips II dat horen. Een klein deurtje leidt vandaaruit naar het hoogaltaar, zodat Philips II ongezien de mis kan bijwonen.
De vertrekken waarin Philips II leeft zijn uiterst eenvoudig. De muren zijn wit, tot halverwege bedekt met blauwwitte tegels, op de vloer liggen plavuizen. Er staan simpele Spaanse stoelen en de onmisbare draagstoel. Schilderijen van Jeroen Bosch hangen er aan de wanden: Kwellingen, droombeelden, duiveltjes - De verzoeking van St. Antonius: de heilige man zit rustig aan het water te mediteren, terwijl allerlei gedrochten hem omringen.
De sobere vertrekken vormen een contrast met de zalen van het Escorial, vol kroonluchters, Venetiaanse spiegels, muur- en plafondschilderingen, gemaakt door Italiaanse schilders die in de mode zijn. Het enorme paleis stroomt dagelijks vol mensen. Het hof beweegt er zich als vanouds, een stroom van schitterend geklede hovelingen en functionarissen; daartussen valt Philips II , klein en verschrompeld, tandeloos, met gebarsten lippen, roodomrande ogen en knobbelige, door de jicht misvormde vingers, bijna in het niet. Zijn geest blijft helder en ofschoon hij nu voortdurend pijn lijdt, blijft zijn houding tot het laatst gebiedend.
Philips II gaat zeer eenvoudig gekleed: bij de bruiloft van zijn dochter Catalina gaat iedereen gehuld in de meest kostbare en kleurrijke gewaden, behalve Philips II zelf, die weinig geeft om uiterlijk vertoon. Philips II laat zich ook aanspreken met een eenvoudig señor, en acht alle eerbiedige aanspreektitels verder onnodig.
De laatste jaren van zijn leven wordt Philips II hulpbehoevend. Philips II brengt veel tijd in bed door of op zijn ligstoel; Philips II moet zich in zijn draagstoel laten ronddragen. De uitdrukking op zijn gezicht krijgt iets droef geestigs. Voorbij zijn de tochten te paard naar zijn tuinen, een van de weinige genoegens die hem overgebleven waren. Niet langer dwaalt hij door de bibliotheek om zijn schilderijenverzameling te bekijken, zijn Breughels, zijn Titiaans, of om zijn vele kostbare boeken te bezichtigen, die vol staan met zijn eigenhandig toegevoegde notities.
Wanneer Philips II sterft, omvat zijn verzameling boeken veertienduizend delen, waaronder elfhonderd Griekse, vierennegentig Hebreeuwse en ongeveer vijfhonderd Arabische manuscripten. Het is de grootste privé-bibliotheek van de westerse wereld; geleerden hebben er vrij toegang en het liefst zou Philips II er een centrum van onderzoek van maken. In het Escorial speelt een Vlaams carillon. Zijn voorkeur voor Vlaamse schilders heeft Philips II altijd behouden.
In Toledo heeft zich een Griekse schilder gevestigd uit Kreta. Zijn werkelijke naam luidt Domenico Theotocopoulos, maar iedereen noemt hem El Greco.
El Greco zegt (terecht) van zichzelf dat hij een genie is en dat hij, El Greco, de schilderkunst van Spanje groot zal maken. El Greco is duidelijk een man die nieuwe wegen inslaat, zijn werk is ongelooflijk modern en slaat zijn tijdgenoten met verbijstering, Philips II niet uitgezonderd.
El Greco wilde graag hof schilder worden, maar het schilderij dat El Greco in opdracht gemaakt heeft voor het hoogaltaar van het Escorial, heeft Philips II niet behaagd, zoals de afwijzing geformuleerd wordt. Later komt het in een van de zalen van het Escorial te hangen.
El Greco, hoewel diep geraakt door de afwijzing van Philips II , blijft zijn verdere leven in Toledo wonen en werken.
Philips II had ook heel zijn leven, net als veel anderen in die tijd (zijn vader Karel V, en ook Alva) veel last van jicht. Op 30 juni 1598, kreeg Philips II niet alleen een heftige jicht aanval, maar ook nog een bloedziekte die hem beiden gruwelijke pijnen opleverden. Philips II liet zich op een brancard naar zijn privé vertrekken in het Escorial vervoeren, waar hij nog 60 dagen heel gelaten alle pijnen heeft doorstaan. Op 13 september 1598 in de vroege morgen overleed Philips II op 71-jarige leeftijd.
Sinds het begin van 1598 is Philips II ernstig ziek en wordt hij niet meer echt beter.
In dat besef regelt Philips II zijn opvolging en het huwelijk van zijn dochter Isabella. In mei 1598 worden de Nederlanden aan Isabella overgedragen. Zijn zoon Philips III, een jongeman van twintig, zal, hoewel zwak en onbekwaam, hem op moeten volgen om het ontzaglijke rijk te regeren. Onder het oog van zijn vader Philips II en enkele getuigen worden de documenten getekend. Ook wordt in mei de definitieve vrede met Frankrijk, de aartsvijand, geregeld. Er rest Philips II niets anders meer dan zich voor te bereiden op zijn dood.
In juni volgt een nieuwe hevige jichtaanval, gecombineerd met een uiterst pijnlijke infectieziekte. Zijn huid raakt overdekt met etterende zweren. Om zijn pijnlijke gewrichten te sparen, draagt Philips II, alleen nog losse, ruime kledingstukken. Als hij zijn einde voelt naderen, laat Philips II zich naar het Escorial brengen. Ondanks de tocht, die een kwelling voor hem is, lijkt hij zich daar even te herstellen. Maar dan begeven zijn krachten het.
Philips II neemt afscheid van zijn kinderen. Hij heeft Isabella de trouwring van haar moeder aan de vinger geschoven; zij heeft hem moeten beloven dat zij die altijd zal blijven dragen. Drieënvijftig dagen leeft hij dan nog. Zijn lichaam rot weg en veroorzaakt een gruwelijke stank. Het moet vreselijk zijn voor iemand die altijd zo'n kieskeurig, precies mens was.
Wanneer de koning niet wegzinkt in bewusteloosheid, vraagt hij naar zijn geliefde priester, en deze gaat tegenover zijn heer zitten en onderricht hem zoals hem opgedragen wordt. Het beeld van de doodzieke, uitgeteerde, lijdende man zal hem nog jaren nadat de koning gestorven is, achtervolgen.
Philips II heeft tot in de kleinste bijzonderheden zijn eigen begrafenis geregeld. Het hout voor de doodskist heeft hij uitgekozen tijdens zijn verblijf in Portugal, het is een balk van een gestrand galjoen dat 'de Vijf Wonden' heette.
De doodskist wordt gemaakt en tegenover zijn bed gezet nadat Philips II erom gevraagd heeft, het hout werd teruggevonden in een eetzaal voor de armen, waar het al jaren als tafel diende. Naast hem liggen twee gesels, de grootste is van zijn vader, Karel V, geweest. Philips II krijgt ook het kruisbeeld dat zijn ouders ieder op hun sterfbed hebben vastgehouden.
Philips II laat zich het lijdensverhaal van Johannes voorlezen. Philips II hoopt dat hij bij volledig bewustzijn zal sterven. In de vroege ochtend van de dertiende september ontwaakt Philips II uit een coma. De monniken die bij hem waken en scherp op hem letten, krijgen de indruk dat hij glimlacht. Philips II strekt de hand uit naar de kaars, die hij eerder geweigerd had omdat het nog niet zijn tijd was. Om vier uur in de morgen neemt Philips II het kruisbeeld in zijn handen, zijn ogen staan wijdopen en helder.
In de kapel beginnen de hoge jongensstemmen van de seminaristen de mis te zingen. Maar Philips II is er niet meer om het te horen.
Philips II is gestorven. De dood heeft hem verlossing gebracht uit een onuitsprekelijk lijden.
Een dag later is Madrid van het feit op de hoogte. Aan de hele stad wordt voor tenminste drie dagen rouw opgelegd. De vrouwen moeten zwarte mutsen dragen. Wie geen rouwkleding kan betalen, moet een hoed zonder garnering opzetten als teken van droefheid.
IJlboden gaan door het hele rijk, naar Portugal, Italië, naar Amerika, de Filippijnen. Op 10 oktober bereikt het bericht de Lage Landen.
Philips II heeft het land achtergelaten met een schuld van honderd miljoen dukaten. De leidende rol van Spanje in de Europese politiek is uitgespeeld. Philips II' opvolgers zijn zwakke, onbekwame vorsten, speelbal in de handen van hun ministers.
Het wereldrijk brokkelt snel af, Aragon komt weer in opstand, Spanje is nooit een echte eenheid geweest. Italië en Portugal maken zich los en de Nederlanden worden voorgoed zelfstandig, al beleven de Zuidelijke Nederlanden een korte bloeiperiode onder de aartshertogen Albrecht en Isabella.
Spanje verkeert in erbarmelijke economische omstandigheden, maar beleeft op het gebied van schilderkunst en literatuur een bloei van ongekende hoogte. In veel werken uit die tijd komt het woord 'desengano' voor. Het betekent ontgoocheling, desillusie. Er heerst een groot pessimisme, het land is in verval.
Philips II koos voor het verleden, Philips II had geen oog voor de nieuwe tijd die aangebroken was, Philips II had geen oog voor de werkelijkheid, en dat betekende de ondergang. In feite was zijn leven gebouwd op een droom, het herstel van het katholicisme in heel Europa, dat Philips II als zijn goddelijke opdracht beschouwde. Maar de droom liep uit op geweld, op stromen bloed.......

Grafmonument in het Escorial van de in 1598 gestorven Philips II
Om hem heen zijn familie
Hoe ging het verder met Isabella en Albertus ? Om nog meer gezichtsverlies te vermijden vatten zij het plan op om Oostende te heroveren. Isabella deed zelfs de historische belofte dat zij zich niet meer zou verschonen voordat Oostende weer was heroverd, het beleg duurde echter drie jaar. de speciale kleur van haar ondergoed is de geschiedenis ingegaan als Isabella-geel. Het beleg van Oostende werd dus een dure prestige slag, alhoewel de nieuwe Spaanse bevelhebber Ambrosio Spinola, het beleg uit eigen zak schijnt betaald te hebben.....
Dezelfde Spinola werd trouwens ook de leider van de Spaanse delegatie die uiteindelijk voor 12 jaar een bestand overeenkwam :

Ambrosio Spinola
1569 - 1630
van 1603 - 1628 bevelhebber van het Spaanse leger in Vlaanderen
Elisabeth van Valois had wel degelijk medelijden met haar ongelukkige stiefzoon don Carlos. Carlos werd in het voorjaar van 1568 onder bewaking gesteld, omdat hij in het algemeen onhoudbaar was geworden, terwijl hij in het bijzonder nog een samenzwering had gepleegd tegen zijn vader, al of niet in verband met de situatie in de Nederlanden - dat schijnt niet vast te staan. Of hij kort daarna is gestorven door het weigeren van voedsel of door het overmatig drinken van water, of misschien wel door nog een andere oorzaak, weet men ook al niet met zekerheid te zeggen. In elk geval is hij niet door zijn vader Philips II vermoord. De koning heeft aan verschillende Europese hoven informatie verstrekt over de gang van zaken. Het duidelijkst is zijn explicatie aan de paus.
Elisabeth is een half jaar later gestorven. Over haar dood bestaat een verhaal, dat in de jaren zeventig van de 16e eeuw, na de dood van de prins van Eboli, de ronde deed en dat naderhand door Antonio Perez in zijn Relaciones is gepubliceerd.
Philips II zou zijn vrouw, die hij verdacht van een verhouding met de toen al overleden don Carlos, gedwongen hebben een beker vergiftigde vloeistof op te drinken. Het vergif was zo sterk, dat niet alleen de koningin stierf, maar ook een zoon, die zij op dat moment bezig was te baren en wiens hersenpan door het vergif was verbrand.
Deze en dergelijke verhalen werden in anti-katholieke kringen nog jaren - en zelfs nog eeuwenlang geloofd. In geschiedenis boeken uit de 19e eeuw wordt er nog steeds over verhaald.
Als aanvulling voegen we ook nog dit citaat toe uit dit verhaal:
Om de Spaanse aanslag van 1584 te legaliseren moest echter eerst over Oranje formeel de ban worden uitgesproken. De Apologie als antwoord op de Spaanse ban van maart 1580 moest terugwinnen wat op het slagveld werd verloren. Daarbij werd de waarheid nogal eens geweld aangedaan. In de Apologie stroomt het door Alva vergoten bloed letterlijk met geheele beken langhs de straeten. In de Spiegel der Spaanse Wreedheden werd het aantal slachtoffers van de Inquisitie met tenminste de factor tien vermenigvuldigd en werd Philips II zelfs de dood van zijn zoon Don Carlos en de moord op zijn derde vrouw Elizabeth van Valois verweten.
Zo ongewoon hard werd op de man gespeeld dat zelfs de Staten-Generaal schrokken. De Hollandse Staten hadden een dikkere huid en bezorgden begin '81 van de Franse tekst een Nederlandse, Engelse en, opdat ook de paus wat te lezen had, Latijnse vertaling. Het enkele maanden later uitgevaardigde Plakkaat van Verlatinghe, waarin na 20 jaar van revolte eindelijk afscheid genomen werd van Philips II, was een vrij logische stap, wilde men de Hollandse Staten niet voor gek zetten.
In maart 1580 werd de naam van koning Philips II uit de officiële stukken geschrapt. Ook werd in Holland als zegel en wapen ingevoerd de Leeuw in de Hollandse Tuin, met het zwaard in de rechterklauw en zeven gebundelde pijlen. Rondom het schild staat concordia res parvae crescunt, vrij vertaald: eendracht maakt macht.
Streden de Spanjaarden onder het Bourgondische St.-Andrieskruis, de opstandelingen voerden sinds 1572 Willems driekleur oranje-wit-blauw en rood-wit-blauw.
Daarmee werd de Prinsenvlag het nationale symbool. Oranje of rood maakte niet uit, pas tijdens de Engelse Zeeoorlogen wordt het rood-wit-blauw.
In het voorjaar van 1591 besluit de Raad van State dat in de nieuwe vaandels van het Leger dezelfde Leeuw als in het wapen van de Raad wordt afgebeeld, waarbij de Leeuw een natuurgetrouwe kleur moet hebben, wat later veranderd werd in: dat die Leeuw een rode kleur moet hebben, omdat de meeste provincies deze in hun wapens hebben
Goede hogescholen maken internationaal een solide indruk. De stichting van de Leidse Universiteit in 1575 - tien jaar later gevolgd door Willem Lodewijks Franeker Academie en graaf Jans Krijgsschool in 1617 - past zeker in de plannen om de Opstand ook een protestants intellectueel centrum te geven.
Ook nog iets over de financiële beleid van Philips II, uit ons verhaal over de verovering van de Spaanse Zilvervloot door Piet Heyn / Hein:
Over de Spaanse Zilvervloot valt nog dit te zeggen: er waren ieder jaar 2 Spaanse Zilvervloten, dus als Frederik Hendrik van de opbrengt van één Spaanse Zilvervloot 's-Hertogenbosch kon veroveren, is er altijd veel gefilosofeerd waar al dat geld is gebleven van al die andere Spaanse Zilvervloten, we houden ons maar buiten deze diskussies, feit is wel dat vanaf eind 17e eeuw Spanje snel verarmde....
Bekend is, het was ook een van de argumenten voor de diverse Vredesonderhandelingen op aandrang van Spanje, uiteindelijk resulterend in de Vrede van Münster, dat Spanje herhaaldelijk in feite failliet is geweest:
- 1557: Spanje moet de betalingen aan schuldeisers opschorten, in ruil werden langlopende schuldbewijzen verstrekt. Deze methode werd goedgekeurd door een vergadering theologen. Grootst gedupeerd hierdoor werd de familie Fuggers, die prompt Philips II geen nieuwe kortlopende leningen toestond en dus week Philips II uit naar Genua (Spinola, Lomelinno, Grimaldi)
- 1575: Spanje schort weer de afbetalingen op, waardoor Requesens in de Nederlanden in de problemen komt, waarna zijn troepen gaan muiten en plunderingen uitvoeren in Maastricht, Aalst en Antwerpen (de Spaanse Furie) met als doel hun achterstallig soldij binnenhalen van niet minder dan 1.500.000 dukaten. Philips II kiest een andere bankier, van 1575 tot 1578 gaat hij in zee met de Spanjaarden Maluendo en Ruiz en de Italianen Bonvisi, Balbani en Capello.
- 1596: Spanje schort nog een keer de afbetalingen op, het begin van het einde van de droom van Philips II om de Nederlanden met geweld terug te winnen. Als bruidsschat krijgt zijn dochter Isabella de Nederlanden mee...(zie o.a. deze LINK)

Isabella Clara Eugenia de Austria
1566 - 1633
dochter van Philips II
Landvoogdes van de Spaanse Nederlanden
samen met haar echtgenoot
Albertus van Oostenrijk
1559 - 1621

Een munt met Isabella Clara Eugenia de Austria
1566 - 1633
dochter van Philips II
Landvoogdes van de Spaanse Nederlanden
samen met haar echtgenoot
Albertus van Oostenrijk
1559 - 1621
LINK

De Spaanse Nederlanden tot de verovering van 's-Hertogenbosch (1628)
Philips II brengt alle zomers op het Escorial door. Zijn lievelingsdochter Isabella is zijn vaste gezelschap. Zij deelt zijn eenzame maaltijden, luistert naar hem, zit naast hem als hij werkt en droogt de inkt van de stukken die Philips II ondertekent.
Voor Isabella, die al tegen de dertig loopt, hoorde allang een passende echtgenoot gezocht te zijn; maar Philips II aarzelt, hij voelt er niets voor haar dierbare gezelschap te verliezen en schuift het huwelijk van zijn oudste dochter voor zich uit.
Aartshertog Albrecht heeft zijn voorkeur. Albrecht is de zoon van keizer Maximiliaan van Oostenrijk; hij is aan het Spaanse hof opgevoed, is aartsbisschop van Toledo en groot-inquisiteur van Spanje geweest; hij is verheven tot kardinaal. Een zachtmoedige, bekwame persoonlijkheid. Dat hij geestelijke is, is geen bezwaar: één woord van Philips II is genoeg om ontheffing van zijn religieuze verplichtingen te krijgen.
Philips II speelt met de gedachte zijn dochter de Lage Landen als erfgoed te geven - met Brussel als hoofdstad. Als zoon Philips III het Spaanse imperium erft, zal Isabena haar eigen hofhouding hebben in Brussel, samen met aartshertog Albrecht. Drie jaar houdt Philips II zich met het probleem bezig en Philips II laat ten slotte de bijzonderheden op papier vastleggen. Maar het huwelijk van Isabella met Albrecht vindt
pas plaats na de dood van Philips II. Meer over Isabella en Albrecht kun je vinden in ons verhaal over de Slag bij Nieuwpoort, inderdaad in 1600.
Aanvullend citaat uit ons Vrede van Münster verhaal:
Kortom, de Republiek werd in de verdediging gedrongen. Maar ook in Madrid waren er problemen, het geld begon op te raken. Al in 1625 (maar dat wisten de Staten toen natuurlijk niet) werd in Madrid besloten om de offensieve akties in de Nederlanden om te zetten in defensive, veel goedkoper. Het scheelde zeker 20% in de kosten. En dus werd na de Spaanse verovering van Breda het Spaanse leger ingekrompen en het Staatse leger uitgebreid. De Republiek financierde dit door een verhoging van bestaande en invoering van nieuwe accijnzen, door een Franse subsidie en t.g.v. de opbrengst van de zilvervloot van Piet Heyn.
De Spanjaarden hadden er nu echt genoeg van en wilde bijna kostte wat het kost, VREDE. Het land was financieel uitgeput, nog steeds zijn er diskussies wat de Spanjaarden toch met al dat geld van hun koloniale vloten hebben gedaan, niet alles werd gekaapt immers. Een voorbeeld nog uit ons Armada verhaal :
Uiteindelijk voer Drake terug naar Engeland nadat hij een rijk beladen Portugese Oost-Indie vaarder had kunnen veroveren met een waarde van 114.000 pond, drie keer zoveel als de waarde van de in Cadiz vernietigde schepen van Santa Cruz. Het geld werd gedeeltelijk gebruikt voor de verdere verdediging van Engeland.
De thuishaven van de Spaanse Zilvervloot was Sevilla. In Amerika waren twee thuishavens voor de Spaanse zilvervloot: Veracruz in Mexico en Nombres de Dios in Panama.
Onderweg mocht de Spaanse Zilvervloot of alleen de Canarische eilanden of Santa Domingo of Puerto Rico aandoen en op de terugweg of Cartagena of Havana. En dus ontstond een systeem van een dubbel convooi. De Spaanse Zilvervloot bestemd voor Amerika verzamelden zich in Sevilla, San Lucar de Barremeda en Cadiz.
De Spaanse Zilvervloot met als doel Nieuw-Spanje werd De Vloot genoemd en vertrok ieder jaar in april / mei. De Spaanse Zilvervloot met als doel Zuid-Amerika werd de Vastelandsvloot of ook wel de Galjoenenvloot genoemd en vertrok in augustus.
Meestal was een maand nodig voor de overtocht en natuurlijk tijd voor het inladen etc. Was er nog niets aangekomen in Veracruz in Mexico en Nombres de Dios in Panama dan werd gewacht tot er wel iets in te laden viel.
Beide vloten verenigden zich voor een gezamenlijke terugtocht in Santo Domingo of Havanna. Midden oktober kwam de verenigde Spaanse Zilvervloot weer aan in Sevilla
Doel van deze strak georganiseerde tochten was natuurlijk bescherming tegen kapers, naast Piet Heyn / Hein waren er dus nog veel meer, we noemen er nog maar een paar:
- 1563 en 1568 Hawkins, resp. in Santo Domingo en Rio Hacha; San Juan de Ulloa
- 1571 Drake, Nombre de Dios
- 1596 / 1597 Hawkins en Drake, Puerto Rico
De financiële schade toegebracht door deze kapers was slechts een fractie van de totale opbrengst van alle Spaanse Zilvervloten.....
Geinteresseerd in een historische rondleiding voor uw eigen groep(je) door Aad 'arcengel' Engelfriet, webmaster van deze grootste Nederlandstalige geschiedenis website, door o.m. een stad of streek in bijv. Nederland, België, Duitsland, Groot-Brittannië, Ierland en/of een historische lezing, publicatie, recensie:
Voor meer vrijblijvende informatie
aad@engelfriet.net
Wilt U eerst meer weten over Aad Engelfriet:
klik dan HIER
|