(klik op deze tekst om een voorgeadresseerde mail te openen) |
Terug naar het Engelfrieten overzicht |
---|
Naar beneden |
---|
Gerard Martens heeft al ooit eens iets verteld over de de soepkokerij van Rumford : even een citaat :
Deze soepkokerij is in de winter van 1800-1801 opgezet door de Münchener filantroop Rumford en hij kreeg hierbij de steun van het stadsbestuur. In 1812 werd deze soepkokerij overgenomen door de gemeentelijke armenzorg.
De soep bestond in eerste instantie uit gort, erwten, aardappelen, wittebrood, azijn en water. Later werd er ook nog vlees, uien en selderij aan toegevoegd. De volgende mooie plaat laat zien hoe de soepkokerij er van binnen uitzag, maar ook hoe de welgestelde heren en dames kwamen kijken hoe of de armen zich zaten te voeden.
Het pand is na 1903 gesloopt en voor die tijd deed het ook nog dienst als spuithuisje van de vrijwillige brandweer.
Aad voegt er nog het volgende aan toe :
bij de eerste prent hoort nog dit :
Het Grote Kerkplein met de Rumfordse soepkokerij, 1803
Gezicht op het besneeuwde plein voor de Grote Kerk.
Een deel van de zuidelijke zijbeuk van de kerk is rechts te zien.
In het midden, op de hoek van de Torenstraat, later Sint-Laurensstraat, staat het bieraccijnshuisje, waarin sinds december 1800 de Rumfordse soepkokerij gevestigd was.
Naderhand diende het gebouwtje tot magazijn van verlichting, waarin de 'straatlampteernen' werden schoongemaakt en met olie gevuld.
Na de overgang op gasverlichting in 1827 werd het verbouwd tot reserve brandspuithuisje. De welpomp in het huisje leverde de omwonenden drinkwater.
Het pand is in 1903 afgebroken.
bij de tweede prent hoort nog dit :
Interieur van de Rumfordse soepkokerij, 1803
In de jaren rond 1800 heerste in Rotterdam, voornamelijk door de achteruitgang van scheepvaart en handel tijdens de oorlogen met Engeland (link) , grote armoede.
In 1800 werd op initiatief van een aantal vooraanstaande burgers een soepkokerij opgericht, waar aan arme stadsgenoten op gezette tijden in de winter soep uitgedeeld werd.
De instelling ontleende zijn naam aan Benjamin Thomson, graaf van Rumford, een Amerikaan die in München chef van de politie werd en daar landlopers en bedelaars in werkinrichtingen onderbracht, waar ze gevoed werden met een soep naar Rumfords recept : gort, erwten, aardappelen, brood, azijn, zout en water.
Enkele der weldoeners die de soep uitdeling mogelijk maakten, zijn rechts afgebeeld. De gezette heer helemaal rechts is Reinier Arrenberg, uitgever van de Rotterdamsche Courant. In het midden zien we de opzichter Johannes Boerman, die dit ambt belangeloos uitoefende, een der soephaalsters haar plaats wijzen.
Klik hier voor de overige zorg verhalen |
---|
![]() |
wat zijn we trots op ons familiewapen ...., beetje jaloers zeker .... |
Terug naar de top |
---|