(klik op deze tekst om een voorgeadresseerde mail te openen) |
Terug naar het Engelfrieten overzicht |
---|
Naar beneden |
---|
Alie (* 28 - 07 - 1920 † 15 - 09 - 2006) kende er zoo veel ....
T.g.v. de geweldig stijgende populariteit van onze versjes (dank, dank, dank!) worden de financiële lasten per maand voor onze Engelfriet site ook steeds hoger.....
En dus zijn we op zoek naar sponsors: zakelijk of privé.Interesse?
Graag kontakt opnemen met
hans@engelfriet.net
Iedere bijdrage is van harte welkom !!
Wil je weer terug naar het overzicht, dan klik je op
Terug naar het liedjes lijstje Leuker kennen we het toch niet maken..........
Liedje 591
Dag Haantje van de toren
Wat ben jij toch alleen
Hoe kom je daar zo hoog zeg
Hoe kom je daar toch heen
Zeg Haantje van de toren
Jij bent tóch niet alleen
Want al die kleine vogeltjes
Die vliegen om je heen
Terug naar het liedjes lijstje
Liedje 592
Kattepoezenelletje,
Waar ben je toch geweest
Je hebt verbrand je velletje
Je was zo'n aardig beest
Foei poes, stoute poes
Wat is het toch een schande
Dat jij je mooie velletje
Zo lelijk liet verbranden
Maar 'k heb nog in mijn laatje
Een naaldje en een draadje
En ook een lapje poezevel
Waar ik jou knapjes mee verstel.
Terug naar het liedjes lijstje
Liedje 593
Onder hele hoge bomen
In een groot kabouterbos
Staat een heel klein aardig huisje
Zomaar midden op het mos
Ik zou er graag in willen wonen
Maar ik ben toch veel te groot
't is gebouwd voor de kabouters
Met hun jas en mutsje rood
Gaat het 's avonds donker worden
Dat is helemaal niet naar
Want dan zitten de kabouters
Heel gezellig bij elkaar
Ieder zit dan op z'n stoeltje
Met een kaarsje in de hand
En dan zijn er zoveel lichtjes
In kaboutersprookjesland.
Terug naar het liedjes lijstje
Liedje 594
In het bos daar staat een huis
Hertje gluurt er door de ruit
Komt een haasje aangerend
Klopt er aan de wand
Hertje, hertje, help mij toch
Straks schiet mij de jager nog
Haasje, haassje kom maar hier
En reik mij de hand
Terug naar het liedjes lijstje
Liedje 595
Er komt een vogel gevlogen
Zie hij vliegt heen en weer
Hij heeft een briefje in zijn snavel
Kijk daar legt hij het neer.
Aardig kindje, ik breng u
deze brief met een groet,
wil mij aanstonds vertellen
wat ik antwoorden moet.
Lieve vogel, ik dank u,
Breng mijn groeten weerom.
Zeg maar gauw tegen grootmoe
Dat ik dadelijk kom.
Terug naar het liedjes lijstje
Liedje 596
Leentje en haar broertje Jan
Waren aan het spelen
Toen kwam moe met pruimpjes aan
Die ze mochten delen
Ieder kreeg er zeven van
Toen was er nog eentje,'
'ha' die is voor mij zei Jan,
Nee voor mij, zei Leentje
Toen aan het kibbelen en voor straf,
Nam mama van beiden
Alle lekkere pruimpjes af
Of ze toen ook schreiden.
Terug naar het liedjes lijstje
Liedje 597
Wat zie ik daar zeg kleine baas,
Rook jij een sigaret?
Pas jij maar op, straks word je ziek
Dan moet je naar gauw naar bed.
Die sigaret, zei Jantje
Die kreeg ik van mijn pa
Die mag ik lekker roken
Want die is van…….chocola. Ha,ha.
Terug naar het liedjes lijstje
Liedje 598
Zusje kleine snoesje,
Duurt je 't wachten lang,
Huil maar niet hoor poesje,
Dadelijk komt moesje,
Wees jij maar niet bang (2x)
Ik zal jou wel rijen,
Langs de rozen rood,
Maar je mag niet schreien,
Want ik ben toch bij je
En ik ben al groot (2x)
Terug naar het liedjes lijstje
Liedje 599
Het geschenk
Hij trok het schuifke open,
Het knaapje stond aan zijn zij,
En zag het uurwerk liggen:
"Och, Grootvader, geef het mij?"
"Ik zal 't u wel eens geven,
Toekomende jaar misschien,
Als gij wel leert en braaf zijt,"
Zei de oude, "wij zullen zien."
"Toekomend jaar!" sprak het knaapje,
"O Grootvader, maar dan zoudt
Ge lang reeds kunnen dood zijn;
Ge zijt zo ziek en zo oud!"
En de oude man stond te peinzen,
En hij dacht: "Het is wel waar,"
En zijn lange vingren streelden
Des knaapjes krullend haar.
Hij nam het zilvren uurwerk,
En de zware keten er bij,
En lei ze in de gretige handjes,
"'t Komt nog van uw vader," sprak hij.
Daar was een grafje gedolven;
De scholieren stonden er rond,
En een oude man boog met moeite
Nog ene knie naar de grond.
Het koele morgenwindje
Speelde om zijn haren zacht;
Het gele kistje zonk neder:
Arm knaapje, wie had dat gedacht!
Hij keerde terug naar zijn woning,
De oude vader, en weende zo zeer,
En lei het zilvren uurwerk
In 't oude schuifken weer.
Terug naar het liedjes lijstje
Liedje 600
Klein Grietje
Klein Grietje wou naar het woud toe gaan,
Haar vader tegemoet,
Haar ogen blauw, haar haar van goud,
Haar hartje o zo zoet.
Toen kwam opeens een kaboutertje aan
En 't meisje wou aan 't lopen gaan,
Maar het kleine ventje hield haar staand
En sprak "mijn lieve kind ...
Ik ben alleen op stouterts kwaad,
Maar jij die naar je vader gaat
En hem zo teer bemint
Weet dan dat deez' kabouterman,
Zo nietig en zo klein,
Een vrind (die) helpt waar die helpen kan,
Hoe min zijn kracht ook schijnt"
"Hebt dank, hebt dank, kaboutertje" zo sprak het kind
"Hebt dank, hebt dank, Kabouter wees mijn vrind"
Toen Grietje weer naar het woud wou gaan,
Vernam zij een schelle kreet,
Die haar van schrik verstijfd deed staan
En door haar hartje sneed.
Want hoort het was haar vader's stem
En ijlings vloog zijn kind tot hem.
De arme man zat in de klem ...
... een boom lag over hem.
"Och" riep het kind "wat moet ik nu?
O, Heer ik zoek mijn troost bij U:
'k Sta hulp'loos en alleen ..."
Toen kwam opeens die kabouterman
Met duizenden klein als hij
Een ieder hielp waar die helpen kan
En ... ze duuuuwden de boom opzij.
"Hebt dank, hebt dank, kaboutertje" zo sprak het kind
"Hebt dank, hebt dank, Kabouter blijf mijn vrind"
Terug naar het liedjes lijstje
Enne we gaan gewoon door, want zoo zou Alie (* 28 - 07 - 1920 † 15 - 09 - 2006) het gewild hebben.....
![]() |
wat zijn we trots op ons familiewapen ...., beetje jaloers zeker .... |
Terug naar de top |
---|