(klik op deze tekst om een voorgeadresseerde mail te openen) |
Terug naar het Engelfrieten overzicht |
---|
Naar beneden |
---|
Een zeer gewaardeerde bijdrage van Gerrie van der Laan
Heb je een vraag of opmerking voor Gerrie van der Laan, stuur dan Aad, de webmaster, een email: aad@engelfriet.net
Op onze site kun je meer vinden over de in dit verhaal genoemde namen en aspekten, gebruik daarvoor onze zoekmachine:
Klik hier als je wilt zoeken via Aad's Freefind search engine, vul in het venster jouw woord in, bijvoorbeeld Jonker Frans en klik op ENTER
De verdragsonderhandelingen en de eerlijke voorwaarden tot overgave van de stad
Uit Rotterdamse Heldendaden onder de stadvoogdij van den jongen heer Frans van Brederode, genaamt Jonker Fransen Oorlog door K. van Alkemade
De Koninklijke Stalmeester, hetzij dat hij door de klachten der steden geraakt en daardoor wegens hun maar tamelijk tevreden vertrek voor onheil beducht was, hetzij dat hij vreesde dat het met het beleg en de gehele oorlog averechts zou uitpakken, ofwel dat de lange duur ervan de koning slecht beviel, stelde nog diezelfde avond, na het vertrek van de gevolmachtigden der steden al zijn krachten in het werk om te zinnen op middelen om een einde aan deze lastige zaak te maken.
Zijn eerder aangeboden en afgeslagen verzoeken aan het oorlogsgezinde Rotterdam deden hem wanhopen wat betreft enig volgend mogelijk aanbod te doen, omdat dit niet de Koninklijke waardigheid en zijn waardigheid en de hoogachting voor hem zou mogen doen verminderen.
Daarom besloot hij het over een andere boeg te gooien en door de vredelievende burgerij te laten doen wat bij de stadvoogd Brederode tot nog toe vruchteloos was geweest.
Om de burgers op zijn hand te krijgen, vond hij geen beter middel dan een krachtige blijk van goedertierenheid te geven en een algehele kwijtschelding van hun weerspannigheid aan te bieden en daardoor het pad te effenen voor zijn doel. De brief, die dit alles inhield, werd nog in dezelfde nacht gereed gemaakt en was van de volgende inhoud:
"Alle poorters en inwoners van Rotterdam, die deze brief zullen horen lezen, heil. Hoewel de poorters van Rotterdam zo hebben gedwaald, dat zij de Heer van Brederode niet alleen hebben aangehangen, maar zich zelfs onder de dienst en de gehoorzaamheid van dezelfde heer, tegen de koning en zijn jonge zoon, hun natuurlijke prins, waaraan zij door hun plicht, eed en natuurlijke trouw verbonden waren, hebben begeven en zij ook onderdanen zijn van dezelfde prins, tegen wie zij er gewapenderhand op uit getrokken waren als weerspannigen en verbondbrekers, die de wapens opvatten tegen hun eigen heer, ook dat zij een grote hoeveelheid lieden van allerlei slag volk in hun stad hadden laten komen, bij wie zij zich gevoegd hadden tegen de opperste veldoverste van hun prins, dat ze verschillende bevelhebbers en hoplieden hadden helpen ombrengen, zodat het nodig is geweest om hen met een zwaar leger te water en te land in het nauw te drijven en te bezetten en zo te dwingen door armoede in handen te vallen van hun getrouwe heer en prins, die zij als trouwelozen hadden verlaten, waardoor zij, met vrouw en kinderen, wel de uiterste straf verdiend hadden, evenzogoed nam hun genadige prins, die een trouw heer en vader was, hen nu weer aan als zijn getrouwe onderdanen, indien zij tot hun natuurlijke heer terugkeerden en zich zouden gedragen zoals getrouwe en oprechte onderdanen zich dat tegenover hun prins schuldig zijn te doen.
Derhalve gelastte hij alle Raden van Holland, alle officieren en de stadhouders van alle afzonderlijke steden om deze inwoners en poorters van Rotterdam, hen, of hun vrouwen en kinderen, op geen enkele manier leed te doen of hinder te bezorgen aan lijf of goed, want dit was namelijk de wil en het verlangen van de Rooms-koning en zijn zoon, hun jonge prins, enz."
den jongen heer Frans van Brederode
Deze brief van vergiffenis zond hij op de 22ste juni 's morgens vroeg met een postbode naar de stad. De burgers, aan wie hij overhandigd was, kwamen daarop aanstonds naar het huis van de stadvoogd, hem zeer ootmoedig verzoekende, omdat hun zaken dusdanig ver in waarde gedaald waren, dat er al wel 250 goede burgers gevangen zaten, dat de honger en het gebrek de stad in een ellendige en wanhopige toestand hadden gebracht en dat hun weerspannigheid tegen de koning, openbaar en strafbaar zijnde, door de aangeboden vergiffenis werd weggenomen, of toch de Heer van Brederode zich wilde laten bewegen om deze zo heilzaam voorkomende gelegenheid aan te grijpen en te benutten.
Brederode, die de rechtvaardige klachten der noodlijdende burgers ter harte nam, heeft hun verzoek billijk geacht en om zonder zichzelf en de zijnen alsook de burgerij in groot gevaar te brengen, dit niet kunnen weigeren, in acht nemende dat als er voldaan was aan de wetten der voorzichtigheid, men van tijd en gelegenheid gebruik maakt. Hij heeft derhalve toegestaan dat de brief openlijk voor het volk zou worden afgelezen. Daarna verzocht de afgevaardigde uit naam van de Koninklijke Stalmeester of men het dorp Kapelle tot plaats van handeling zou willen aannemen en na voorafgaand beraad deze dag tot dag van bijeenkomst vast te stellen.
Hierop riep de stadvoogd de krijgsraad en ook alle bevelhebbers bijeen en ze namen de grote hongersnood in de stad, de zware belegering er buiten, de onmacht en het in waarde gedaald zijn van hun zaken en het onvoorspelbare herstel ervan in overweging. Uiteindelijk zijn ze het er over eens geworden dat er onder redelijke en naar krijgsgebruik eerlijke voorwaarden mocht worden toegestemd in de overgave van de stad. Omdat de Rotterdamse afgevaardigden en gevolmachtigden nog diezelfde voormiddag met de bode naar Kapelle gereden waren, waren om twee uur in de namiddag de met de zaak belaste heren van de Koninklijke Stadhouder daar ook aangekomen. Derhalve is, nadat de heren van beide zijden enige uren in onderhandeling hadden doorgebracht, het verdrag gesloten en zijn de voorbereidingen ervan aanstonds op schrift gesteld. Het verdrag behelsde in het kort de volgende onderdelen:
"Ten eerste dat de heer Frans van Brederode de stad Rotterdam, met alle bescheiden en bevoegdheden die hij in diezelfde stad had verkregen of die de stad enigszins toebehoorden, zowel te water als te land, niets uitgezonderd, aan de prins of aan zijn veldheer zal overleveren zonder strijd te voeren over het bezit ervan.
Ten tweede zal de Heer van Brederode binnen de tijd van zes dagen, nadat dit opgestelde verdrag gesloten is, met al zijn bevelhebbers, hoplieden en soldaten de stad en het veld ruimen en waar er enige ruiters of enig voetvolk op het platteland mochten liggen, deze zullen op hetzelfde tijdstip met hun oorlogstuig, wapenen en hun pakgoed moeten vertrekken.
Ten derde dat alle handelingen, verbintenissen, verdragen en eden met de Heer van Brederode aangegaan, zullen worden kwijtgescholden en nietig verklaard, zowel in de stad zelf als op het platteland, alsook alle verbintenissen van brandschatting met hem aangegaan, welke bescheiden hij zal moeten overleveren, maar wat betreft de ontvangen penningen, die zal hij behouden.
Ten vierde dat hij alle gevangenen bij hem in de stad gevangen genomen of binnengebracht, zal overleveren, zonder enig recht zich er enige van te mogen toe-eigenen.
Ten vijfde dat alle oorlogsbenodigdheden en erbij horende gereedschappen, alle oorlogsschepen en alle wapens binnen de stad zullen blijven en dat de krijgslieden niet meer met zich mee zullen nemen dan hetgeen tot hun lijf en tot bescherming van hun lijf behoort.
Ten zesde dat al degenen die met de Heer van Brederode de stad uit zullen willen trekken, hetzij inwoners, hetzij vreemdelingen, dit vrij en ongehinderd zullen mogen doen en omgekeerd dat zij die in de stad willen blijven, dat dat diegenen vrij zal staan.
Ten zevende dat men zich goed en deugdelijk aan al deze voorwaarden zal houden, zonder dat men van beide zijden er enige verandering in zal mogen aanbrengen en dat dit in het openbaar van het stadhuis met klokslagen zal worden afgekondigd op de 24ste juni op het gebruikelijke tijdstip."
Een zeer gewaardeerde bijdrage van Gerrie van der Laan
Heb je een vraag of opmerking voor Gerrie van der Laan, stuur dan Aad, de webmaster, een email: aad@engelfriet.net
Op onze site kun je nog meer verhalen vinden van haar, gebruik daarvoor onze zoekmachine:
Klik hier als je wilt zoeken via Aad's Freefind search engine, vul in het venster jouw woord in, bijvoorbeeld Gerrie van der Laan en klik op ENTER
![]() |
wat zijn we trots op ons familiewapen ...., beetje jaloers zeker .... |
Terug naar de top |
---|